DIRECT AFSLUITEN
direct polis afsluiten
PERSOONLIJK
verzekeringen
arbeidsongeschiktheid
hypotheken
pensioenen
pensioenberekening
geboorte
reizen
vervoer
studeren
spaarloon/levensloop
uitvaart
ZAKELIJK
verzekeringen
arbeidsongeschiktheid
spaarloon/levensloop
zorg en verzuim
employee benefits
DIRECT FINANCIEEL
internet bankieren
KLANTENSERVICE
schademelding
aanbeveling
klachtmelding
TIPS
dienstenwijzer
voordeelpakket
aanbiedingen
downloads
financiële bijsluiters
EXTRA
disclaimer
partners
Website designed
by KC Internet

HOME  |  DIENSTENWIJZER  |  FISCAAL  |  ACTUEEL  |  CONTACT

VERZEKERINGEN  |  HYPOTHEKEN  |  PENSIOENEN  |  UITVAART

Belastingen Boxen-systeem

BOX 1 – Inkomen uit werk en woning

In Box 1 vallen o.a.:

- winst uit onderneming;
- loon uit dienstbetrekking;
- pensioen- en VUT-uitkeringen;
- inkomsten uit eigen woning
eigenwoningforfait,
- hypotheekrenteaftrek, voordeel uit
- een kapitaalverzekering eigen
woning (KEW));
- periodieke uitkeringen en
verstrekkingen
lijfrentetermijnen, uitkeringen
uit een ‘gouden handdruk’-polis);
uitgaven voor inkomensvoorzieningen
(lijfrentepremies).

Voor de belastingheffing over het belastbaar inkomen in Box 1 geldt een progressief schijventarief met een gecombineerde heffing van inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen in de 1e en 2e schijf.

Schijventarief 2005




BOX 2 – Inkomen uit aanmerkelijk belang

In Box 2 valt o.a. het voordeel uit aandelen of winstbewijzen die tot een aanmerkelijk belang behoren. Er is onder meer sprake van een aanmerkelijk belang als de belastingplichtige, al of niet tezamen met diens fiscale partner, voor tenminste 5% van het geplaatste kapitaal (in)direct aandeelhouder is in een N.V. of B.V.

Voor de belastingheffing over het belastbaar inkomen in Box 2 geldt een vast tarief van 25%.

Box 3 - Inkomen uit sparen en beleggen

In Box 3 vallen o.a.:

- saldi op spaarrekeningen;
- kapitaalverzekeringen (bijvoorbeeld
begrafenisverzekeringen);
- lijfrenteverzekeringen, waarvan de
premie niet in Box 1 in aftrek is
gebracht;
- saldolijfrenteverzekeringen
(bestaand op 31 december 2000),
waarvan bij de aangifte
- inkomstenbelasting 2001 eenmalig in
Box 1 is afgerekend over het
rentebestanddeel.


In Box 3 gelden diverse vrijstellingen, waaronder:


- de basisvrijstelling (heffingvrij
vermogen) van € 19.522,- (bedrag
2005) (2004: € 19.252,-) per
belastingplichtige of € 39.044,-
(bedrag 2005) (2004: € 38.504,-)
voor gehuwden of geregistreerde
partners;
een kindertoeslag op de
basisvrijstelling van € 2.607,-
(bedrag 2005) (2004: € 2.571,-) per
minderjarig kind;
een vrijstelling voor
overlijdensrisicoverzekeringen van
€ 6.332,- (bedrag 2005) (2004:
€ 6.244,-);
een (niet geïndexeerde)
vrijstelling voor het saldo op
geblokkeerde spaarloonrekeningen
van maximaal € 17.025,- per
belastingplichtige;
een (niet geïndexeerde)
vrijstelling voor op 14 september
1999 bestaande kapitaal -
verzekeringen, die voldoen aan
bepaalde voorwaarden, van maximaal
€ 123.428,- per belastingplichtige
of een ‘dubbele’ waardevrijstelling
van maximaal € 246.856,- in
huwelijks- of samenlevings -
situaties.

De waarde van de bezittingen wordt verminderd met de waarde van de schulden. Het voordeel uit sparen en beleggen wordt (fictief) gesteld op 4% forfaitair rendement op het gemiddelde vermogen in een kalenderjaar. Voor de belastingheffing in Box 3 geldt een vast tarief van 30% (vermogensrendementsheffing). Per saldo bedraagt de jaarlijkse belasting over het vermogen in Box 3 dus 1,2%.



HYPOTHEKEN   |   VERZEKERINGEN   |   PENSIOENEN   |   UITVAART